“Hierna bracht Jozef zijn vader Jakob bij de farao en stelde hem aan de farao voor. Jakob begroette hem met een zegenwens. De farao vroeg hem naar zijn leeftijd en Jakob antwoordde: ‘Honderddertig jaar heb ik nu op aarde rondgezworven. Mijn leven, dat ellendig is geweest, heeft nog maar kort geduurd, ik heb nog niet zo lang op aarde rondgezworven als mijn voorouders.’ Toen nam Jakob met een zegenwens afscheid van de farao.”
Genesis 47: 7-10
Met welke zegenwens Jacob de farao begroette; en met welke zegenwens Jacob weer afscheid nam van de farao, staat hier niet vermeld. En het is ook veelzeggend, dat Jacob zijn leven “ellendig” noemt. Is hij vergeten, dat God zoveel dingen ten goede heeft gekeerd? En dan toch een zegenwens over de farao uitspreken….Want dankzij de farao, als instrument in Gos hand, is het lot van Jozef én van Jozefs familie, ten goede gekeerd. Wie kunnen wij zegenen, ook al verloopt ons leven niet altijd zoals wij het hadden bedacht? De 40 dagentijd is een tijd van reflectie. Over wie kun jij een zegenwens uitspreken?








