“De HEER, aan wie de hoogste hemel toebehoort, en de aarde met alles wat daarop leeft, heeft toch alleen voor úw voorouders liefde opgevat en u, hun nazaten, verkozen boven alle volken, en zo is het nog steeds. Besnijd daarom uw hart en wees niet langer halsstarrig.”
Deut 10:14, 15 en 16
Met de mond belijden dat God Heer is en Jezus onze Redder, betekent niet altijd dat mijn woorden oprecht zijn. Je kunt het één zeggen en tóch het andere doen. Mozes wijst op het hart. Dáár begint de verandering. Het gaat om je hartsgesteldheid. Vanuit het hart overdenk je, beraadslaag je, beredeneer je. Daarom zegt Mozes hier: besnijd je hart. Haal je zondige en verkeerde gedachten weg. Lukt dat? Nee, we zijn zondige mensen en we denken vaak van God áf in plaats van onszelf áf, richting God. Het is mijn dagelijks gebed: Laten de woorden van mijn mond en de overleggingen van mijn hart, U welgevallig zijn..








