“Niet ver daarvandaan lag een landgoed, dat het eigendom was van de gouverneur van het eiland, een zekere Publius. Hij liet ons bij zich komen en onthaalde ons drie dagen lang bijzonder gastvrij. Het geval wilde dat de vader van Publius ernstig ziek op bed lag, gekweld door koorts en buikloop. Paulus ging naar hem toe, legde hem onder gebed de handen op en genas hem.”
Handelingen 28: 7-8
Paulus is door God niet voor niets op Malta geplaatst. Hij wordt door de gouverneur gastvrij onthaald. Waarschijnlijk had de man over Paulus bijzondere ervaringen gehoord. De omstandigheden zijn voor Paulus gunstig. Er is welwillendheid en er is ruimte. En Paulus kan hierdoor ook, door God geleid, de handen leggen op de zieke vader van de gouverneur. Hij bidt voor de vader van de gouverneur en de vader geneest. Wonder van God! Voor wie kun jij vandaag bidden?