“Jezus vertelde hun toen deze gelijkenis: ‘Als iemand van u honderd schapen heeft waarvan er één verloren is geraakt, laat hij dan niet de negenennegentig andere in de woestijn achter om naar het verdwaalde dier op zoek te gaan tot hij het gevonden heeft? En als hij het gevonden heeft, legt hij het vol vreugde op zijn schouders en gaat hij naar huis. Daar roept hij zijn vrienden en buren bijeen en zegt tegen hen: “Deel in mijn vreugde, want ik heb het schaap gevonden dat verdwaald was.”
Lukas 15:3-6
Gisteren hadden we het over de onzinnige liefde van God. Dit verhaal heeft ook iets onzinnigs. We lezen er soms zo gemakkelijk over heen. Want wie laat nu 99 schapen onbeheerd in de woestijn achter om 1 verdwaald schaap te zoeken? Dat is net zoiets als een schoolklas vol kinderen onbeheerd achter te laten om een weggelopen kind te zoeken… En dan je buren en vrienden uitnodigen om feest te vieren als het verloren schaapje gevonden is; hadden die niet beter mee kunnen helpen met zoeken? De diepere laag van dit verhaal zit in vers 7: Ik zeg u: zo zal er in de hemel meer vreugde zijn over één zondaar die tot inkeer komt dan over negenennegentig rechtvaardigen die geen inkeer nodig hebben. Zó gaat het er aan toe in de hemel als één zondaar zich bekeert. Een uitzinnige vreugde in de hemel, bij God en engelen.