“In Jeruzalem werd het feest van de Tempelwijding gevierd; het was winter. Jezus liep in de tempel, in de zuilengang van Salomo.”
Johannes 10:22 en 23
Het is op dit moment zomer. En of het vandaag zonnig en warm is, daar kan ik op dit moment van schrijven nog niets over zeggen. In onze tekst van vandaag staat er dat zinnetje waar je gemakkelijk over heen leest. Het was winter. Nu was het ten tijde van het feest van de tempelwijding sowieso winter, dus waarom staat het er dan zo expliciet? Johannes schrijft in zijn evangelie veel over contrasten. Licht-donker, zien-blind, enzovoorts. Dit zinnetje tekent ook de sfeer, tussen Jezus en de Joden. IJzig. Vrieskoud. Niks warme verhouding. De Joden komen ook intimiderend dichtbij. Ze staan om Jezus heen en sluiten Hem als t ware in. Kom op, zeg t ons nu ronduit: bent U de Messias? En dat is geen vraag van een zoekende gelovige, maar een vraag van de tegenstander, die met deze vraag de veroordeling van Jezus wil uitlokken.