Jezus vergeeft en geneest 9e dag 40 dagen tijd

“Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon volmacht heeft om op aarde zonden te vergeven.’ Toen zei Hij tegen de verlamde: ‘Ik zeg u, sta op, pak uw mat en ga naar huis.’”

Marcus 2: 10 en 11

In Marcus 1 wordt in sneltreinvaart verteld dat Jezus heel veel wonderen doet. Hij geneest! Marcus vertelt nu in Marcus 2, dat Jezus ook is gekomen om de zonden te “genezen”. De mensen stromen samen om “weldoener” Jezus te zien en te horen. Vrienden (vrienden heb je nodig in je leven!) brengen hun verlamde vriend naar Jezus, maar omdat het huis zo vol is, gaan ze via het dak, maken een gat in het dak en laten hun vriend zakken. Stel je eens voor: Jezus onderwijst de mensen in het huis, het dak boven Hem wordt opengebroken, brokstukken vallen voor zijn voeten en tenslotte zakt er een man aan vier touwen, gelegen op een slaapmat, neer aan zijn voeten. Dan heb je wel geloof nodig! Geloof dat Jezus JOUW redder is. Mens, je zonden zijn vergeven! zegt Jezus. En omdat Ik macht heb om zonden te vergeven, heb Ik ook macht gekregen om te genezen. Wat is voor jou het belangrijkst: dat je zonden zijn vergeven of dat je wordt genezen?

Goede gewoonte is anders dan “religie”

“Hij kwam ook in Nazaret, waar Hij was opgegroeid, en volgens zijn gewoonte ging Hij op sabbat naar de synagoge.” Lukcas 4: 16 Jezus ging volgens zijn gewoonte naar de synagoge. Hoe ga jij naar de kerk, als je al gaat? Omdat het moet? Of met een blij, verwachtingsvol hart? Jezus ging “volgens zijn gewoonte” naar de kerk. Het zou…
Verder lezen

Alleen ben je sneller, samen kom je verder

“Ik bid voor hen. Ik bid niet voor de wereld, maar voor de mensen die U Mij hebt gegeven, omdat zij van U zijn – alles wat van Mij is, is van U, en alles wat van U is, is van Mij – en omdat in hen mijn grootheid zichtbaar geworden is. Ik ben al niet meer in de wereld,…
Verder lezen

Onvoorwaardelijk geliefd – als Zijn vriend(in)

“Mijn gebod is dat jullie elkaar liefhebben zoals Ik jullie heb liefgehad. Er is geen grotere liefde dan je leven te geven voor je vrienden. Jullie zijn mijn vrienden wanneer je doet wat Ik zeg. Ik noem jullie geen slaven meer, want een slaaf weet niet wat zijn meester doet; vrienden noem Ik jullie, omdat Ik alles wat Ik van…
Verder lezen