“Dit is wat er geschreven staat: Mene, mene, tekel en Ufarsim. En dit is wat die woorden betekenen: mene – God heeft de dagen van uw koningschap geteld en er een einde aan gemaakt; tekel – u bent gewogen en te licht bevonden; Ufarsim – uw koninkrijk is verdeeld en aan de Meden en de Perzen gegeven.’ Toen gaf Belsassar bevel Daniël in purper te kleden en hem een gouden keten om de hals te hangen, en hij liet afkondigen dat Daniël als derde in rang zou regeren over het koninkrijk. Diezelfde nacht werd Belsassar, de koning van de Chaldeeën, gedood.”
Daniel 5: 25-30
Mene, Mene, Tekel, Ufarsim. Een onthullende en veelzeggende boodschap. Het kind Belsassar heeft niets van zijn vader Nebukadnessar geleerd. Met de God van Israël, de Schepper van hemel en aarde, valt niet te spotten. God doet wat Hij zegt. Het volk Israël had zwaar gezondigd en moest in ballingschap. Maar dat betekent niet dat God niet tóch alle touwtjes in handen heeft en boven de partijen staat. Hij regeert en laat niet met Zich spotten. Koning Belsassar behangt Daniel met goud en macht, ondanks Daniëls tegenwerping. Hij slaat de woorden van God in de wind. Feestvieren mag altijd, als je God maar de eer geeft!








