“Eén zoon van Achimelech, de zoon van Achitub, wist echter te ontkomen en zocht zijn toevlucht bij David. Zijn naam was Abjatar. Toen hij aan David vertelde dat Saul de priesters van de HEER had laten vermoorden, zei David tegen hem: ‘Toen ik die dag in Nob merkte dat de Edomiet Doëg er ook was, was ik er al bang voor dat hij Saul zou inlichten. Ik ben dus de oorzaak van de dood van al uw familieleden. Blijf voortaan bij mij en wees niet bang. Wie u naar het leven staat, krijgt met mij te doen. Bij mij bent u veilig.’”
1Samuel 22: 20-23
Dit is de David waarvan wordt gezegd: de man naar Gods hart. David heeft veel fouten in zijn leven gemaakt. Maar David toont hier ook, hoe zijn carrière als schaapherder hem heeft gevormd. David strijdt voor het onschuldige, het kwetsbare, de verstoteling, de verschoppeling, de vluchteling en biedt hen bescherming aan. David als de goede herder, die waakt over de schapen die hem zijn toevertrouwd. Daarmee is hij de vooruitschaduwing van Jezus, onze volmaakte Goede Herder. Hoe kan ik, naar het voorbeeld van David en het volmaakte voorbeeld van Jezus, een goede herder zijn?