Gezegend zij die niet hebben gezien en tóch geloven

“Daarna toonde Hij hun zijn handen en zijn voeten. Omdat ze het van vreugde nog niet konden geloven en stomverbaasd waren, vroeg Hij hun: ‘Hebben jullie hier iets te eten?’ Ze gaven Hem een stuk geroosterde vis. Hij nam het aan en at het voor hun ogen op.”

Lukas 24: 40-43

Maar ook nu de Here Jezus Zelf in hun midden staat, zijn de discipelen bang en menen ze een geest te zien (Lucas 24:37). Daar heeft Jezus volgens het evangelie van Marcus wel wat van gezegd. Ze vertrouwden hun ogen en oren niet, schrijft Lucas (Lucas 24:41). De Heer geeft hen dan nog een bewijs en eet voor hun ogen een geroosterde vis op. Een geest kan niet eten. Jezus is geen geest, Hij leeft, laat zijn wonden zien en eet voor hun ogen. Geloof jij, zonder dat je dit met eigen ogen hebt gezien? De Bijbel zegt: gezegend zijn zij, die niet hebben gezien en tóch geloven. Gezegend ben jij, als je gelooft!

Kleed je in de liefde – 1e zondag 40 dagentijd

“En bovenal, kleed u in de liefde, dat is de band die u tot een volmaakte eenheid maakt.” Kolossenzen 3:14 Aankleden, het is een dagelijks ritueel. Je denkt na over wat je aantrekt. Is het koud? Is het warm? Je past je kleding aan op de omstandigheden. Moet je naar je werk, naar school, naar de sport? Er is iets,…
Verder lezen

Zij zullen mij gelukkig prijzen…- 4e dag 40 dagentijd

“Toen haar slavin Zilpa Jakob een tweede zoon baarde, zei Lea: ‘Wat ben ik nu gelukkig! Alle vrouwen zullen mij gelukkig prijzen.’ Ze noemde het kind Aser.” “”Hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares. Alle geslachten zullen mij voortaan gelukkig prijzen” Alle vrouwen/alle geslachten zullen mij gelukkig prijzen. Beide vrouwen, Lea en Maria, zongen een loflied. De omstandigheden…
Verder lezen

Godenzonen en dochters van mensen – 3e dag 40 dagentijd

“Zo kwamen er steeds meer mensen op aarde, en zij kregen dochters. De godenzonen zagen hoe mooi de dochters van de mensen waren, en ze kozen uit hen de vrouwen die ze maar wilden. Toen zei de HEER: ‘Mijn levensgeest mag niet voor altijd in de mens blijven, hij is immers niets dan vlees; hij mag niet langer dan honderdtwintig…
Verder lezen